KRAKATAU

tijdschrift tegen alles, omdat niets beter is

juni – b. vogels

Ik heb door de benen van de lente gekeken.
Wat laag bij de grond, maar met een prikkelend zicht.
Ik wist niet dat hooiland zo hoog kon zijn,
toen haar tenen mijn nekharen streelden.

Zij heeft zich gespreid,
haar goudgeile halmen gebogen.
In de palm van haar schoot heb ik mijn ogen gesloten.

Hier hoort geen zeis bij, geen zwart gewaad,
maar het gelaat van een geliefde.

Zo zacht moet sterven zijn.
Als een lichtende cirkel,
waarin heengaan speelt met blijven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Recente bijdragen

Recente reacties

Cookies?
Cookies = OK