Resultaten voor het trefwoord vogel

starenderwijs – anouk smies

Vooropgesteld
dat missen kunst is

Het figuurzagen van dageraden
tamponeren van een vraag
op mijn tong

Obese vogel plus tak
en ik brak
nog voor je je uit mijn leven wrong

Restanten:
theekop bewaart gezicht

en in een vreemde taal
lacht
je handschrift me uit

op het plafond

stille vriend – debby visser-neale

Ik jaag de vogels weg die jouw graf bevuilen
jouw naam staat er geschreven, mijn ogen neer
geslagen, met gevouwen handen blijf ik staan.

Jouw steen van blauw graniet doet me huilen
ik buk om dichterbij te komen
en zie hoe
vies, de vogel poep op alle zuilen,
zich ingevreten heeft.

Achter jouw steen een omgekeerde emmer, een
harkje en borstel voor de schoonmaak, een
gieter voor de bloemen, er zit modder op mijn
schoenen.
Ik ga wat water halen uit de kraan verderop
en geef jouw bloemen leven.
Jij was mijn geluk.

rennen om stil te staan – anouk smies

Nu we samengaan, als schoppen en hurken
een opgejaagd begin
sla de bladzij om

die mijn lichaam heet
Plaats een kandelaar
in het rattennest, mijn haren

Spreek in de tongen van een vreemd gehucht
Ontkleed een gebouw

of verbrand de kathedraal
van het doofstom opnieuw beginnen
De vogel in zijn eeuwige lucht

de jij in mij – anouk smies

k hoor nog steeds
je stem in mijn gedicht
Je klank een luxe vogel
die landt op het eiland,
mijn gezicht

Ik kan je ruiken
Een claxon legt zijn ei
van geluid op mijn wit
en waar ik de letter zet
was jij eerder

dan ik. Je golfloze branding
een hart zonder tuin
harkt mijn vinger aan

Die niet schrijft, maar likt aan je lichaam van taal

Ik laat het begaan

vogelvrij – onbezield

vrije vogels doen mij walgen
ik giet dus vitriool bij de boom
is hij dood, hak ik hem om
heeft de vogel geen zitplaats meer
om mij te bekijken en bemokken

rattengif op lokvoer wil ook wel helpen
de neergevallen lijken ruim ik op
ik luister en het is goed…
maar de krengen waarschuwen elkaar:
ga niet in die tuin des doods!

laat ze maar, de omgeving is alert
hun tijd komt nog wel want
als klein duimpje heb ik de buurt in mijn macht!
ze zijn te stom om acht te slaan
te gulzig… maar ze blijven komen…!

vanwaar je atheïsme? – walmzand

er zijn vogels in de Hemel
af en toe vliegt er één naar omlaag
waar ik ben
en beroert

zij laten zich niet leiden
zij kiezen
jou, hem, haar, hen
en mij
een atheïst die gered moet worden?

ik ben God, iedereen is God
God is dood bestaat dus niet

vanmorgen zag ik een zwerm
ik sloeg nauwkeurig gade
hun prooi was een ander
ik hunker vandaag…

samen – mathilde m.

In haar tuin staat één boom met één vogel
er zit één vrouw onder één zon
en er is iemand die haar ziet
in de wolken fietst een man.

druil – lammert voos

de honden dragen mij over
de natte velden door een levend
Voermanschilderij van een verregende
zomer, aan de overkant van de rivier
staat roodbont vee met de poten in
het water, donk’re wolken aan den einder,
scheren boerenzwaluwen laag over de spiegel,
een slecht teken, staat een mottige reiger
te schuilen onder wilgopschot, een haas rilt
in het veld en een schollevaar loopt over
het water en stijgt in slow motion op;
mag ik alsjeblieft met die vogel mee?
Voerman is voor mij reeds lang passé

een man is geen vogel – marc robbemond

Het is een hete, stille zon
en de man voelt zich alsof hij een cowboy is

dan:
een aantal verslavingen worden verplicht onderbroken,
de binnenkant wordt een groot oppervlakte aan de buitenkant
en de man begint fecaal te braken

een geïnfantilliseerd geslachtsdeel en twee armen
voor iemand die al weg is

uit de kamer:
het geluid van een roofvogel.

het is nooit goed genoeg – martin m aart de jong

Het rommelt
tussen sterren.

Ergens schrijft een god
een wereld af op een kantoor.
In de kasten zware boeken
omslagen van leer.

Er zit een monnik
met een ganzenveer
hij schrijft

een nieuwe wereld over, zucht
kijkt naar de lucht
en ziet een vogel
met een takje.