Laten we dit moment van luwte aangrijpen
Of anders samensmeden tot gietijzeren wil
Op het gevaar af zeewaarts te waden
En toch terzijde het volgende, marginaal
Rechts waterdragend (eenmaal op weg)
Elke keer gezeik, normatief voorgebakken
Genoeg van gewoon doen, aanpassen
Van voortuinen, vensterbanken, grasmaaien
Dure tankbeurten voor ik het vergeet
Hoeveel voet gaan in een meter bier
Ons perspectief kan gelukkig meer bevatten
Dan de berging en zo nodig vloeibaar
Er is dus sprake van wederkerigheid
Weliswaar met beperkingen maar toch
Ik zie het als een eerste stap, een begin
We zijn voorbereid als de vraag toeneemt
Hier of elders, maakt in principe niet uit
We zijn er klaar voor, beslagen ten ijs
Buslijn 12
Gesitueerd rond beteugelde geneugten
Nog één nachtje slapen
Resultaten voor het trefwoord gelukkig
in een poging het bestaan te omarmen
speur ik de einder af naar een opening in de hemel
waar als het ware mijn lot in zou kunnen passen
als de lucht dan is geklaard
smelten alle bevroren tranen
op de wangen van verdwenen wolken
ik meen zilverkleurig licht te zien
maar verwar luchtledig blauw met groene pluimen
als kruinen op het vinkentouw
– gelukkig is niet alles wat het lijkt, zo lijkt het
Als kind al vroeg ik mij af of ik ooit
zo grijs als stoeptegels zou worden,
en overzichtelijke lijnen
me zouden tekenen
en dan langzaam zou verdwijnen
Tegen die tijd, ik zou wel zien
Nu is ooit gekomen,
voelde ik gisteren misschien
te laat was nog weg te dromen
en huilde ik om hoe een meisje op haar fiets
dat haar trappers nèt kon raken
doorreed naar het grote niets
van wat ik ooit van haar weten zou
Meisje, kind, al bijna
een ongrijpbaar beeld
wat mij raakte,
dat werd vormgegeven in mijn heden
ten dage
maar vreemdgenoeg, tijd steelt
niet de reflectoren op je pedalen
ook niet de belofte die je uitstraalde
en nooit, nooit vergeet ik, denk ik
hoe on
of gelukkig je mij even maakte
toen zij in het literair café een voordracht mocht houden
nam ze stralend plaats achter het spreekgestoelte en
sprak de toehoorders, allen woordkunstenaars van
het hoogste niveau, bevlogen toe. Het leek zowaar
alsof ze gelukkig was en met haar de hele kliek…
Er was eens een vetgemeste gans die een kei vond
En dat ze te lang en te gelukkig leefde
Ze nam hem, schudde de mest eraf en stak hem
Met beide poten in het gat van haar trechter
Toen de ganzenhoedster haar de poort door joeg
Na de godganse dag geen volk gehad te hebben
Ganzen immers worden afge-leverd in de hel
Trok ze haar pluimen uit en rolde al haar leden
Lillend en bevend door pek en eigen veren en zei:
‘Falada, waer bestu bleven, mi lanct naar uwen paardenkop’
Waarop het ros prompt de benen nam en een extra paar
Uit de spijkerton voor de prinses die nog nasnaterde.
Je dipte rummikub stenen in je koffie
alsof het iets zou oplossen
(op zijn minst net als suiker)
ik keek toe
hoe degene naast je
die je nou nog niet echt
bepaald ‘een vriendin’ wilde noemen
een steentje naar binnen werkte
en hoe ze kauwde,
maar niet slikte
ah, gelukkig dacht ik
geen heimlich greep vandaag
en ik ruilde het steentje tegen
het koekje waarmee ik
in een worstelhouding verzeild raakte
om het maar gauw uit zijn plastic verpakking te wippen
verderop
ging degene waarop
jij verliefd was
naar het damestoilet
en trok niet door
want mannen hoeven niet door te spoelen
zei je
ze wisten gewoon niet beter
Chris, lekker ding dat je bent, waar ben je? Op t.v. zie ik jou met oceaanhaar
(droog van zon en zout) een verzekering aanprijzen en je ziet er zowaar
gelukkig uit. Is dat waar? Want waarom mogen wij hier in Nederland niet
meer van jou genieten, moet jij ergens op een onbewoond eiland in de
branding staan? Hoewel ik jou een mooie man vind, een stuk ja, zeg maar
gerust een flink brok goedaardig testosteron, val ik niet op je. Althans, niet
hier vanaf de bank. Jij bent voor mij te tweedimensionaal; ik heb ze liever
dicht op mijn huid. Echt, ik ben niet zo’n vrouw die steeds aan andere
vrouwen moet bewijzen dat ze tieten en een kut heeft door naar spierbundels
op een film- of televisiescherm te wijzen. Doodvermoeiend vind ik dat.
Liever word ik vastgehouden door iemand die van mij houdt en ik van hem.
Dat lijkt me logisch, want liefde staat altijd (altijd) voorop bij mij, en na een
lange rij daaraan verbonden kwaliteiten (wederzijdse waardering, trouw,
elkaar in vrijheid ondersteunen, verantwoordelijkheidsgevoel en meer van dat
soort zaken) komen met Heel Grote Letters: Communicatie en Seks. Daar kan
ik geen genoeg van krijgen. De meeste mensen neuken met haat, slaan die
eerste, belangrijke stap over, dus daar is geen reet aan, om het zachtjes uit te
drukken. Jij niet, dat kan ik zien, want jij bent lief. Maar zo’n grote vent die
(en ik zeg het heel voorzichtig) van seks houdt en dan ook nog eens een hart
heeft dat de hele dag liedjes afdraait alsof het om zo’n speelgoedmuziekdoosje
van vroeger gaat, die wordt de Lage Landen langzaam maar zeker uitgebonjourd,
want die is voor velen te bedreigend. Wat een slapjanussen, vind je ook niet?!
Als ik het mij goed herinner, las ik ergens dat jij onlangs vader bent geworden.
Mocht dat inderdaad het geval zijn: Hoera!!! Gefeliciteerd! Volgens mij ben jij
een fan-tas-ti-sche papa. Dat doet mij deugd en ik wens jou alle vreugde toe.
Eén verzoek: stap in dat bootje, dat zelfgemaakte vlot, en kom terug naar
Nederland, want ik kan jou hier niet zien en een man zoals jij erbij maakt alle
verschil. Zou jij dat voor mij willen doen? Texel is trouwens ook heel mooi!!!
Heel veel liefs, alle hens aan dek,
Maaike (wat o.a. zee betekent) Klaster
vierkant in cirkel
past welniet
rechthoek in drietweehoek
past welniet
twintig over veertien
de klok loopt gelukkig
in ieder geval op tijd
die groene stoel
wil ik om mijn nek
moet de teevee
geen water hebben?
trek in pindakaasjam
in mijn melksoep
mijn poep
pak ik netjes in
en leg het in de linnenkast
nou een sigaretje
lief waakvlammetje
ontvlam mijn stickie maar
wil je niet?
dom dommer domst
een sigaret plant je
in verse aarde
hark gelijk mijn toupet maar
waar is mijn bed?
ik wil naar bed, mama
wat is het koud en wat mis ik Alice
ik denk dat ik goed schrijf
vroeger wilde ik geen dichter worden
maar gelukkig
Gisteren heb ik mijn vader gered
Het heeft veel voeten in de aarde gehad
Maar ik mag er niet over schrijven
Want ik heb de derde vrouw van mijn vader beloofd
Discreet te zijn.
Een porseleinachtige spoedarts zei tegen mijn vader:
‘Je moet niet tegenstribbelen!’
Mijn vader beweerde dat ‘tegenstribbelen’ zijn lievelingswoord was
‘Je moet niet zeveren!’ zei de spoedarts vervolgens
De sfeer was om zeep.
Discretie is vreselijk moeilijk
Gelukkig moet ik over mijn muze niet discreet zijn
Hij heet Omer en
Zijn knieën zijn vals
Wanneer hij met mij wil vrijen
Vraagt hij: ‘Wil je een bad nemen?’
Ik neem voortdurend baden
Zelfs overdag
In de badkuip van mijn muze voel ik mij nooit schuldig
Nochtans ben ik schuldig.
Het is mijn schuld dat ik werkloos ben
Het is mijn schuld dat er gat in mijn jas zit
Het is mijn schuld dat ik geen nieuwe jas kan kopen
Maar het is niet mijn fout dat mijn vader ziek is
En tegenstribbelt wanneer een porseleinachtige spoedarts
Hem vitamines via een katheter komt toedienen.
Ik begrijp het wel hoor,
Dat tegenstribbelen van hem
Zeveren is een lelijk woord
Er bestaan veel krasse woorden
Ze worden aanvaardbaar wanneer mijn muze spreekt.

Recente reacties