Met bals had ze geen ervaring en dat leidde tot een bestseller
‘Bals en ballen: ervaring nihil’ en dientengevolge wat geld
Voor de kermis met Pasen waarop ze met haar spokenogen
Menig man verleid had andermaal het schieten te proberen
Slechts in het spiegelpaleis kon ze kussen: mond op mond.
Resultaten voor het trefwoord geld
Het was moeilijk om de woorden van liefde
over je lippen te tillen.
Woorden die na het afwegen
ligt bleken te zijn.
Woorden die niet uit te drukken
zijn in geld of macht.
Woorden die mij vertelden
dat de striemen op de ziel zouden wegtrekken.
Woorden die over het denken heen galmden
en bleven zweven.
Toch zijn ze nu vastgekleefd
in het verleden.
Zijn ze in een hart of in een zwart boekje gekerfd?
Ze zijn bewaard.
Ze zijn verjaard.
ik wens je geld zoveel
dat je het niet kan tellen
handenvol bergen
te veel om op te noemen
een onoverzichtelijke heuvel
een miljoenenoceaan
zuigende korrelstromen
stortvloeden gulden regens
glinsterende rivieren
zilverberkenwouden
slikken zilverreigers
bronnen bubbelplassen
moerassen goudplevieren
fonkelvalleien
rollende gletsjers
klinkende massieven
en een woestijn
waarin niemand je komt zoeken
kijk me staan hier op die foto
heb ik nog mijn zondags jurkje aan
ik lach wat tandloos sleep een pop
mijn haar in pippi-langkousvlechtjes
die ik later niet meer wilde
pippi is voor kleine meisjes
ik werd groter ging naar school
leerde schrijven rekenen is nooit
mijn sterkste kant geweest ik droomde
van de batavieren die bij lobith
binnendreven en bij leiden mondden
in een noordzee zonder overkant
alle batavieren hebben vlechtjes
zei mijn moeder maar die wilde
doodgewoon geen klitten kammen
de huishoudschool de derde klas
de tweede keer de laatste want
de hema lonkte eigen geld een
toekomst tussen rookworst ondergoed
cosmetica mijn roodsatijnen broek
glanst in de zon en let eens op
die poedelkop was het anna
of agnetha die me inspireerde
ik weet niet meer ik leerde koken
kreeg een twee in aardrijkskunde
snapte niks van algebra maar mama
zei dat is niet nodig kassa’s
tellen zelf een knappe meid als jij
heeft zo een vent die voor je werkt
en vergeet de rest maar lekker kind
daar staat hij in zijn bakkersbroek
tegen zijn kreidler op te glimmen
hij liep wel tachtig zei hij trots
probeer dat op zo’n puchie en je
ballen trillen vierkant door je strot
om van yamaha helemaal te zwijgen
piloot wilde hij worden ook als
dat moeilijk was met lts maar in
het leger kon je alles worden wat
je wilde als je dat maar wilde
stond de hele wereld voor je open
we zouden op mallorca wonen en
de hele dag niets doen later met
het geld van vliegen en van mijn baan
als mannequin voor marie claire
hij droeg zwart en ik was in het wit
in juli onder een hemel zo blauw
als de familie van het paar dat
waren wij het stralend centrum
van een wereld die bestond uit ons
en later ook de voetbalclub alwaar
hij sluitpost steun en toeverlaat
bij lage ballen ietsje minder stond
er steeds liet nooit een zondag schieten
verder zat hij thuis als hij niet werkte
en las wat over vliegen tot eeuwig
passagier verdoemd want dioptrieën
worden nooit piloot we gingen vrijdag
wel eens bowlen drie vier keer per jaar
wat drinken zonder werk of club
deze is van vorig jaar wat zijn we dik
we trouwden niet om af te vallen en je
wordt geen doelman om te veel te lopen
we lachten wisten niets twee weken later
werd hij aangereden ’s avonds toen hij
terugkwam van zijn werk een lekke band
en regen werd de wao het geld
werd krap wel had hij nu veel tijd
las alles over lindbergh de gebroeders
wright de uiver boeing al wat vloog
legde zijn boek dan peinzend weg en keek
naar buiten naar de eindeloze lucht
op gister na toen stond hij op en ging
naar buiten naar de brug spreidde zijn armen
ogen wijd open voor zijn eerste vlucht
kijk door mij heen
geld maakt arm
achter deze wereld
vijf korrels graan
De binnenstad leeft altijd, slaapt nooit.
Daar roken jonge jongens in hun witte hemden, bovenop hun dak.
En er is altijd geld.
Daar wordt alleen gewerkt als het leuk is.
Daar is het non-stop mooi zonnig weer en anders sneeuwt het.
Sexy vrouwen met tassen vol mooie jurken.
Jonge ouders zijn gelukkig, drinken ijsthee op terrassen met hun toevallig tegengekomen vrienden.
Decadente mannen lachen en ze lunchen geitenkaas met pijnboompitten.
Hippe studenten, lijken er altijd te zijn.
Daar waar het leven is, het goede leven dat blijft doorgaan.
Tijdloos en geldloos, regenloos en vol leven.
Ook nu het koud, donker en guur is bij ons, in de buitenwijk.
de kleine jongen is crimineel geworden en
tijdelijk in bewaring gesteld in verband met
geld, speed, en bijkomstige zaken die niet
met bedplassen te vergelijken zijn
de binnenvaart en het internaat verlaten
aan het eind begonnen om terug te gaan
de strakke lijnen van het schuimend kielzog
en de vernedering van het hutje onder
de voorplecht, kon hij niet aan.
Ik lees Story
aanschouw
vergane glorie
Armoede
met geld
jeugd gekocht
Nep
verliest glans
vliegensvlug
Nu dan die dagen weer gevouwen
uit wolken. Het is ook nooit
zo gek niet of het regent wel.
Genoeg wat mij betreft. Heb
het allemaal aan gezien.
De zon weer op
zien komen, af zien
druipen boven
kaartenhuizen
van beton.
Mag ik je
hartenvrouw, mag ik je boer,
mag ik je negen? Het spel
verdelen over jaren.
Op de tafel slaan.
Het gaat om geld meneer,
dit spel. Het gaat erom te doen
alsof het niets kan schelen.
Maar ik huil wel, alle dagen
van boven naar beneden.
Staalblauw glanzend in het maanstrijklicht
glijdt een reusachtige granieten arend
met open klauwen naar zijn slapend Babylon.
Zacht en stil als je lief, sluipend als een gemene tassendief
zweeft hij tussen de wolkenkrabbers in hun krottencirkel
en strijkt neer op één van deze wijsvingers, een zerk van geld.
Hij overziet voldaan de verwaande verf over de ontbinding
en schaterend om de hoogmoed in deze Pinokkioneuzen
rolt de spottende reuzenekster haast van het kerktorenkruis.
In de koude schijn glimmen de straten als spinrag;
de chique lantaarns bluffen met de glitterende dauw.
Kan hij in dit web van littekens nog iemand strikken?
Vernedering en pijn werden gestapeld, liefde vervaagde;
zijn verraderlijke koude complement werd opgedrongen.
De scrupuleuze opvul-ikken wisten met het oude wel weg.
Hier is geen werk meer voor hem, ze roeien zichzelf wel uit.
Hij buldert het stof van zijn enorme vleugelspan en zijn zware schaduw
drukt nog een laatste keer het duister diep in het asfalt.

Recente reacties