Resultaten voor het trefwoord schapen

in een supermarkt met een toepasselijke sjaal – delphine lecompte

Het kind aan mijn hand is volstrekt heilig
En daarom draagt hij een dode Tasmaanse duivel rond zijn nek
Hij krijgt alles waar hij naar wijst: rijst, meloenen, forel
‘Waarom moet je zulke gezonde keuzes maken?!’ vraag ik vreselijk geërgerd
Misschien geef ik hem zelfs een oorvijg, of een kneep in zijn schouderbladvlees.

Maar het kind is niet van streek, hij vergeeft mij voor de 1031ste keer.
En nu wijst hij naar de chocolade om mij te paaien
Ik kan wel huilen met de pet van de uitvaartverzekering van mijn moeders endocrinoloog op
Op de pet dansen twee schapen vermomd als Friese zeepzieders een houterige wals
Hoe zou je zelf walsen als je schaap was, en vermomd bovendien!

De kassier vraagt aan mijn ontvoerde jongetje hoe hij heet
Hij zegt de waarheid
Buiten is het te heet om lang te verbroederen met de clochard
Die eergisteren mijn leven gered heeft
Toen ik dreigde gewurgd te worden door zijn equine lijmverslaafde collega.

In mijn huis weigert het jongetje in de zetel te zitten
Dus zit ik alleen
En alle chocolade is voor mij
Maar ik proef niets want hij staart naar mij
Het kind kijkt mij beschuldigend aan zoals kinderen, otters en asielteckels daarin getraind zijn.

‘Ga weg.’ Zeg ik mat
Ik heb zelfs geen mat
De vloer is vuil, ik heb nooit een zoon gehad.

chromatine – enrico lommerte

op een heide
vol zwarte schapen
huppelde er één
kleurloos gevlekt

voor invloed bevreesd
zou je het weghalen,
maar het werd gelaten

een schapengeneratie later
werden er twee
kleurloos gevlekten
waargenomen

en één witte

duoleed – martin m aart de jong

toch mis ik ze
de schapen in de wei
de bloemen en de opgaande
zon boven hun esoterische
wangen waarmee ze zeeleeuw
verdrongen van de eerste plaats
der onhandelbare dieren ze schreven
toch ook niet onaardig hun naam
in de lucht en ook de psychiatrisch
verloskundige had er een boterham aan
en een wand vol schilderingen. Ach
het kan zo hard gaan in het leven
dat ik soms vergeet om dood te gaan.

… of toch liever pinnen? – martin m aart de jong

hier op het abattoir van oude dagen
leg ik ze neer de koeien die zo mak
als schapen door de wei heen draven
in april het zal de wreedste maand

zijn voor ze aan het mes ermee dat
vee dat maar blijft blaten een haal
van het mes en insjallah op weg naar
haken om te worden uitgebeend versneden

tot de fijnste waren (als je er iets
uit kunt halen maar allee) die droge
longen naar de honden met die uit
geholde harten en beweeglijke tongen

ja die tongen hebben niet stilgestaan
want al dat blaten blaten blaten ’t is
gedaan je zou een pin door het hoofd
heen kunnen schieten waar nooit eerder

iets van betekenis door is gegaan.

tegen de klippen op – martin m aart de jong

Hier hangt

een schilderij.
Het hangt keurig recht.
Het stelt een landschap voor.
Met bergen. In de verte
klimt een herder met
een kudde schapen
uit het schilderij.

Eén van de schapen
heeft een blad te pakken
met letters erop geschreven
en vreet het op.

balgevoel – bob elias

Terreinknechten
met kapsels van graniet
rollen lange slanke benen
van hun haspels
blazen strandballen
vol dobbelstenen
op het blauwe gras
en langs de kant
verkoopt een winkeltje
in konijnenpak verse penen
en nu de schapen met herdershond
oren zijn verkast en ook de rij
ziekenhuisbedden is verdwenen
stappen de spelers uit de tunnel
als een endeldarm in kramp
en strijden zij voor grote ronde
kazen nu veilig achter slot en
grendel alleen te openen
met forse mensenhoofden

… – markus haringa

Vroeg of laat
ga je de wildernis in

Er zijn dingen die gebeuren
waar geen woorden aanwezig zijn

Schapen over de dijk

De ijzeren greep van een vaderhand
bij het pierensteken

jenny star – jacques santegu

op wandel verjoeg ze een reiger
de schapen keken haar vreemd aan
reageerden secuur op alle emoties
in het anders desolate landschap
bloemen werden wreed vertrapt
ploeterend wankelende meid
een eenzame wandelaar liep haar achterna
nogmaals viel ze over een obstakel en
de test werd afgeblazen
krantenkoppen berichtten:
‘looppop ontdekt lijk in heide’

heden wandelt ze enkel begeleid