Resultaten voor het trefwoord pillen

gedicht dat ik schreef in 1994 – maaike klaster

Toen ik 18 was, de Roxy in Amsterdam nog bestond
en XTC hoogtij vierde

 
 
Zo lief en lief
is iedereen
en alles
houdt van jou

Je danst en praat
Je springt en aait
Je zoent een man
en dan zijn vrouw

Het eeuwige leven
strekt zich uit
omdat de nacht
oneindig lijkt

Maar ‘s ochtends vroeg
merk je al snel
dat alles slechts
twee pillen blijkt

shit – janus duprie

nu de winterdip echt diep
rijden de treinen kut

ik heb altijd al
een hekel gehad
aan pillen

zo wil je toch
niet eindigen

delphine leest voor – efce

Naast de ingang van het ziekenhuis bewateren dronken werklui de struiken.
Als ik passeer geven ze de welvaart van alles de schuld.
En mij, godbetert.
Dat vraagt om een gebaar, want één van die mannen is mijn vader.
Ik bied ze een nier, ze willen sigaretten.
Een nier kan ik missen, sigaretten niet – alsof mijn vader dat niet weet.
Ik heb zijn lichaam geërfd.

De dokter roert het soepje dat hij voor me kookt.
Dubbelgetrokken bouillon kan je redden.
Of anders die vette, bruine pillen, met hun nasmaak van kolenstook,
Waar je pik van verschrompelt.
Het is hem om het even,
Als ik maar weet dat de soep ambachtelijk is.
Er zitten paddenstoelen in en de teennagels van de vorig patiënt.
Er hadden spinnen in kunnen zitten, of overreden kat,
Dat was hetzelfde geweest,
Maar vorige patiënten zijn er hier in overvloed,
En als de dokter zegt dat ie nagels nodig heeft,
Omdat die levens redden,
Dan zijn er maar weinigen die hem tegenspreken.
Dus waarom verder zoeken,
Als het toch maar gaat om de walging,
Bron van geneeskunst.
Wie niet meer walgt, wordt doodverklaard,
Waaruit volgt dat je alleen walgend midden in het leven staat,
Dát zijn de regels van het huis –
Het is een theorie, niet slechter dan een andere.

De dokter heeft opgelet bij de lessen sociale vaardigheid.
Delphine Lecompte is in de stad, babbelt hij,
Geestverruimend, grensverleggend prijsdier dat gedichten leest,
Het kan wel wat voor jou zijn.
Ik hoor hem wel, maar kan het idee niet vasthouden,
Want de soep smaakt naar mijn moeder,
Dus ik ben ten dode opgeschreven.
Ik heb haar recepten geërfd.

stil nu maar – lindaas

heeft u last van herinneringen
één van deze
gaat uw stemming telkens weer
op en neer
één van deze
één van die tegen de bijwerkingen van deze
nee ssh je zult niet genezen
om die pijn te stillen
hebben we potten vol pillen