Resultaten voor het trefwoord wijsgeer

de stilte is er niet – jan holman

Fonkelend nieuw in de stad
houd ik de woorden van een wijsgeer
onder de arm en citeer

maar de stilte is er niet
geen flard van de tijd in de hand
leegte vul ik met hevige onzekerheid

ik leer met woorden een betoog te houden
maar in debat stemmen we nooit overeen
in steeds andere taal zeg ik wat onbegrepen blijft

zonder taal kom jij dichterbij
en als je vertrekt, houd ik de stof
van jouw jas klem tussen mijn vingers

met een nieuw seizoen vangt
het stamelen aan
als stilte invalt ga ik spreken.

prematuur – hans van willigenburg

Op welke manier kan het geen essentiële troost zijn naar ‘Gedichten’
te grijpen van Czeslaw Milosz? Hoe kan men de schoonheid ontwijken
van de vinger die het omslag optilt, van de bladzijden die opveren,
van het vooruitzicht op elk van hen Milosz’ woorden in de mond
te mogen laten gutsen, als eeuwig lessende godendrank? Wie kan zonder
de kalme en precieze bezweringsformules van deze Poolse wijsgeer? Of
zie ik iets over het hoofd en moet ik me zorgen maken? Moet ik harde
conclusies trekken uit mijn wandeling daarnet, uit de mensen in het park
die alles deden behalve Milosz lezen? Conclusies over mezelf, over Milosz?
Of is het voor de vaststelling dat ik een eenzame bewonderaar ben met een
ongezonde hang naar dweperij en dat het niet de eerste keer is dat een matige dichter zich verliest in een uitmuntende dichter nog veel te vroeg?

Ja, ja, ja! Véél en véél te vroeg!