mijn honger naar genade
laat mij verlangen
mijn verlangen
laat mij vluchten
mijn verleden vlucht
naar verre bestemmingen
mijn vergeten
laat mij herinneren
mijn toelaten
laat mij verlaten
mijn navel
laat mij staren
mijn gedachten
laten mij dwalen
langs het gewichtloze
van mijn gewicht
en mijn luiheid
van lijf en leden
doet mij vervagen
door mijn blindheid
voor het hier en nu
Resultaten voor het trefwoord vluchten
worden doet hij niet meer
Al zijn er huiden genoeg
streeploos wit, de haren verlicht
honing stroomt en koude voeten
zij passeren zijn gebarsten deur
kloppen soms, klingel meneer!
Een zwaar voorhoofd en spikkels
vuur, een tel bloed dat gonst
zijn ademhaling bevroren
O schat, o jonge klaarheid
‘t zachte in haar ogen, vluchten
voor zijn schaduw daar is
Dat mensen voor je konden vluchten zonder dat jij
degene was die iemand kwaad wilde doen, wist ik niet,
maar ik heb het gezien. Ze rende zo naar een stadje
aan de andere kant van de spoorlijn. Daar zullen ze
haar wel ergens uit een greppel hebben gevist omdat ze
bezig was zich als die It-clown (u weet wel, uit het boek
van Stephen King) te verkleden en haar eigen Inner Child
eens flink alle hoeken van de kamer te laten zien. Niet
eens uit geilheid.
Sommige vrouwen speuren als bloedhonden
naar de wonden van een ander om deze na te apen en die
verkrachting nog eens dunnetjes over te doen. Dan zijn ze
heel mooi in de ogen die hen lachend vanaf de andere kant
van de spiegel aankijken, hebben ze lekker iets om mee te
spelen, gaan ze als kindvrouwtjes de wereld in, vergeten ze
dat clowns en kinderen niet hetzelfde zijn, dat kleine meisjes
nog geen tietjes, nog geen seks hadden, dat die lach vooral
een heel verkeerde keus was.
In een holleweg schuilen de spinnen
met de padden en een bange heer
wanneer loont het niet meer
weg te vluchten voor het water?
In een holleweg schuilt een heer
met zijn hoed en natte schoenen
niet snel genoeg want van stand
te kreupel nog om hard te rennen.
Onbedoeld en bleek in zijn gelaat
is een heer van stand zijn eigen licht
aan het einde van een droge holleweg.
Helicoptervluchten is een passie.
Hoog boven alles en alleen
vervliegt de lucht om je heen.
Wentelwiekend boven honinghoofden
grijpen grage handen bijenzwermen vast,
knijpen honing uit in mat glas.
Beneden omarmen zware zwerfjassen het magere lijf.
In de binnenzak dobbelstenen met zes kanten.
Aan witte handen kleven zwarte wanten.
Vluchten is een passie.
Op deze eerste dag van de laatste zeven jaar.
Alweer een glas
dat geheven wordt
alle mannen hebben hier
overhemden die zwarter
en tanden die witter zijn,
ze bewegen zich
als jonge goden en
openen gesprekken
met het grootste gemak
en lachen als ik
wil vluchten
door te trekken
aan een deur
waar duwen opstaat.
Zwarte nachtdienst
Zusters verenigt u
Voor de laatste oorlog der mensheid
Rode schorten
Snel lopen ze door de gang
Op zoek naar de volgende hand
Witte gezichten overal
Ze zijn er om te vluchten
O Morpheus, dat jouw slaap spoedig komen zal
‘Ja ik mag jou wel,
je zegt maar heel weinig domme dingen.’
De voordeur leunde iets naar voren.
Samen ‘vluchten van schuilhut naar schuilhuisje’,
wij keken naar haarkloven, speldenprikken;
‘het weer van alle mensen’ rolde aan.
Een duif vloog tegen de dakkapel,
zo een roekeloos begin.

Recente reacties