Resultaten voor het trefwoord klokken

hoe verzin ik haar? – harry m.p. van de vijfeijke

Het weeldebeeld van een vrouw,
Russin vandaag. Beeld eenmaal gegeven
bewerkt dat ik een dag met haar verkeer.

Ik voorzie haar van de juiste lingerie,
zet alle klokken stil als wij ontbijten.

Ik noem haar Helena, Belofte, Matroesjka Kus
en ook Zacht Soepel Breedbeeld.

Mijn handen spelen, ik heb de durf
haar ogen in te zien. Hoe verzin ik haar,
want zij is een wonder zoals zij terugkijkt
en met Helenahanden naar mij reikt.

niemendalletje – hans mellendijk

Ogen eboniet kleurig,
even niet reebruin getint,
wachtend op de jager.
’t Brons groen eikenhout,
loeiende klokken.
Jij, Limburgse schlager.
Bim, bam, bim bam, …

Sloeg bij mij in als een bom.
Mijnengangen verder;
verliefd onbekend gevoel.
Komt nu naar boven. Woel
door mistige flarden
vat me bij de klarden.
Bim, bam, bim bam, …

Sloeg bij mij in als een bom.
Gevoel brandend zand.
Zelfs je naam is mijn ontschoten.
Herinnering naar de kloten,
vliegtuig nooit geland.
Ook vandaag, ook deze keer
waarschijnlijk turbulent weer.
Bim, bam, bim bam.

wat je nu doet – peter van galen

Terwijl we aan hetzelfde water staan
twintig kilometer van elkaar

we staan zo tegenover
terwijl we komen drijven

het zijn allemaal momenten
die ik probeer te vangen
om te strooien tot mijn pad

wij zijn er allang geweest
en onvoorstelbaar slaan de klokken
vlak voor ik vertrek.