Chinese heuvel lacht neerwaarts – oh grote kei der wijzen
veilige plek in aarde, hemels rivierbed
water botst – onschatbare zonnen, manen lang
snelle strelingen, een blad – poot – voet
overzijde roept, tranen heimwee naar land
Resultaten voor het trefwoord heimwee
Je ben een lied in de storm
Een verlaten verhaal op mijn lippen
Jij ben een echo in de bergen,
klanken van vrijheid
Jij bent zo ver,
Ik kan niet stoppen
jou te vertellen
Je bent mijn taal zonder moeder,
Een wees met vijf namen
Van waar kom je? Waar ga jij heen?
Terwijl iedere lente de bloesem
De kluiten ontspruit
Ben jij mijn heimwee, mijn dwaling
En de aarde draait rond
Blijft maar staan. Net als wij gehecht
aan vaste stek, de dingen op hun eigen
plek. Stof dat dommelt onder kasten,
boeken, vloerkleden, het waterbed.
Baarmoeder van heimwee.
Vesting voor geschreeuw, gezwijg,
voor kamerbrede tripjes van verlangen.
En altijd in het licht een tafel
om te leren delen.
Zelfs onbewoond nog wachtend op
gemorrel van een sleutel in het slot,
op digitale klokken stil van tijd verschietend.
Leeg of niet, pal achter ramen tikken ze:
seizoenen die in file door het uitzicht gaan –
als hij wegloopt
maakt zijn adem
in de vrieslucht
witte wolken
die verdwijnen
in het wijde
onbewolkte
winterlandschap
onder ’t lopen
zwikt zijn enkel
op een hardbevroren kluit
er rinkelt een bel
de school gaat uit
in de vrieskou
klinkt het helder
hard geluid
van kinderstemmen
’t achtervolgt hem
‘hinkepoot!
hinkepoot!’
hij komt anders
aardig snel vooruit
een klein meisje
roept meewarig
‘kijk die arme man
hij hinkt!’
had hij heimwee
naar dit dorp?

Recente reacties