Aan het voorkomen van bomen wordt voorbijgegaan.
Al staan ze gewillig in de rij.
Eiken zijn gelijk wilgen en beuken.
Palen voor reuen.
Hun kronen over het hoofd gezien.
En over de voeten wordt gestruikeld.
Resultaten voor het trefwoord eiken
hier druist de aanpalende muur
tegen alle gevoelens in
van het gewezen patriciërshuis
de dubbele deur – Europees eiken –
met hand gesmede klink
kraakt en braakt wat vocht naar buiten
welk een onverlaat metselt
fabrieksgebakken steen op waalformaat
aan mijn gevel van puur natuur
steen uit rotsen gehouwen
ik ben een monument,
eeuwen adelen in mijn gelauwerde huid
mijn ogen breken, met straffe wind mee
zal ik me wreken, vanaf de vorst
duvel ik mijn dak op die dekselse buur
ik ken een ruimte
bekend alleen aan mij
wijze eiken en berkenschilfers
bedwarrelen daar het pad
afstervend leven composteert
wacht op adem en vocht
dat pad, doordrongen
van wetenschap en hoop
al wat het nodig heeft
is licht, adem en vocht…
de vier ruiters trekken er om heen
onberoerde levensruimte
voorbij gaan aan
de eerste zonde
tweede dood
leef ik voor eeuwig daar…
(Met dank aan Amarins!)
hangen stoelen met poten omhoog
op het tafelblad. zeven om precies te zijn
voor de stoelendans is dat een te veel
of om zakdoekjes op te leggen
schudden eiken hun schaduwen af
schrijven wortels zinnigheden
in diepe gaten liggen brieven dichtgeplakt
met natte wangen
rusten letters op onbegonnen stenen
zitten weer de laatsten gebeiteld
vooraan of het steeds maar de vraag is
wie er deze keer is blijft hangen
verstomt de aarde
loopt nacht door zwarte dagen
wil rouw haar randen onder nagels laten
zo, zonder hebben en houwen
is er iets
leger dan de klonterende stilte na
het snateren van opvliegende eenden
of
het geruststellend spijkeren van houten wallen
om gaten in de wolken
waaruit het licht begint te regenen


Recente reacties