Resultaten voor het trefwoord chips

van de wereld afvallen – rinske kegel

Tegelijk met haar nagels
bijt ze stukjes van haar wereld af
het gewicht dat ze heft spuugt ze later, fijngemalen,
in de zijkant van haar laars
die ze bekleed heeft met plastic zakjes zodat hij schoon blijft
niemand weet hoe bang ze is

Hoeveel wollen hemdjes, truien, vesten, jassen ze ook draagt,
warm wordt ze niet.
‘Alles onder controle’
zegt ze tegen de zak met chips.

pixelatie – hans mellendijk

Wicklow Mountains, Glendalough, 1994

Bij ’t scannen van de dia’s plots uit het grijs weer het beeld.
Zilverkorrels van film op chips omgezet in gigabytes. 
Langs de onstuimige kust klapperend de megakites.

Logeren in het bankbiljet van tien pond was voor niks.
Zicht op cycladen? Ithaca? Nu niet de baai op, want
zuidwaarts richting Wicklow Mountains. Wind mee fiks.

Beter kijken want het is per slot van rekening Ierland
als waar getoond. Er bommeldingen zwevend lopen
zich grillig lonen. Weerbarstig de wolken in hun sas

in vernevelende regenval. De hemel schuift de sluizen open
alles hier wordt van vervormend spiegelend vloeiend glas.
Kieuwachtige wezens druppen over de brilleglazen.

En zagen sindsdien het geloof in elfjes 
nieuwe sagen ingeblazen.

kloostermoppen – paul blok

Zal ik me laten inmetselen in een donkere cel,
om U – in mijn oneindig isolement –
te overpeinzen Heer?

Of kan het ook moderner, door onderweg
bandjes te draaien met
Gregoriaanse boventoon muziek?
Wat werkt,
wat helpt,
wat verenigt mij met U?

Zal ik mezelf ‘snachts in die heldere volle maan
geselen voor het open raam
en huilend tot U bidden om troost?

Of mag het ook moderner, door in de trein
boeken te lezen over U
en daarover te praten met vrienden met een goed glas wijn?
Wat werkt,
wat helpt,
wat verenigt mij met u?

Zal ik mezelf castreren,
zodat ik alleen U kan eren,
of mag het ook ietsje milder?

Zal ik mijn tong afbijten als ik U toch niet loof?
Zal ik mijn oren afsnijden als ik U toch niet hoor?
Zal ik mijn ogen uitrukken als ik U toch niet herken?
Wat werkt,
wat helpt,
wat verenigt mij met u?

Kom ik nader tot U, als ik met mijn eigen bloed
Uw Woord herschrijf en herschrijf?

Behaagt het U als ik U veertig dagen lang vastend lof zing,
ronddolend in een Godvergeten woestijn?
Of mag het ook wat eigentijdser, liggend in bed,
naast jou, chips peuzelend,
zappend op zoek naar discussieprogramma’s over het wezen der dingen,
waar ik vervolgens het mijne mee doe.
En toch,
als de nacht zich om mij heen sluit als zwijgende kloostermoppen,
bid ik om genezing van mijn middelmatigheid
en vraag ik U:
‘Leer mij alles te geven voor het hoogste.’

de betere buurt tegenover ons – hans van willigenburg

Ha!
Drama.

Entree!
Probleem.

Hoera!
Tegenslag.

Bravo!
Belediging.

Te midden van de overdaad
aan draaiende wasmachines,
fraaie uitzichten,
blakende gazons,
diepe oprijlanen
en gestreken kleren
zich ook nog vergezeld te weten
door iets dat toe kan slaan:
verdediging, adequaatheid vereist.

De knalharde dreun, de knisperende woede
waarmee het portier
van het slanke sportmodel
de zoele avond open rijt.

Met gierende banden
een erotische curve
nemende lotsbestemmingen.

Wij, die uit het raam kijken,
een andere zender kiezen,
en twijfelen. Pinda’s? Chips?

bier & chips – hans van willigenburg

voor Hállgrimur Helgason

De brilstand van de begroeting
die, naar we hopen,
het kwadraat van haar lippen en lokken
tenminste tijdelijk in de tang houdt.

Omdat de deling van zijn bril
door zijn o-benen
op niets anders kan uitlopen dan
oneven,

is het zaak bij het klaverjassen,
ter kennismaking,
twee keer heel dik nat te gaan
onder het toeziend oog
van de jaloerse oom,

waarbij de televisie het liefst
op die ene serie met even blijmoedige
als meelijwekkende hobbyisten
staat afgesteld,

zodat binnen het kwartier
in betrekkelijke rust
kan worden toegewerkt naar een toestand

die laagje voor laagje inzakt

en daarmee de juiste condities schept voor
een incidentloze avond vol bier en chips.

(Niet te vroeg juichen.)