Resultaten voor het trefwoord beul

jezus eet crèmepaté – delphine lecompte

Jezus de loodgieterzoon eet bijna elke nacht
Een blok paté met een theelepeltje in bed
De brute haan moet nog kraaien
Moeder roept in haar slaap: ‘Laat me los, schurk!
Ik wil niet verkracht worden door een ezeldrijver!!’

Maar de verkrachter verandert iedere nacht van beroep
Moeder roept net voor de paté volledig verzwolgen is
Jezus noteert: imker, touwslager, kaarsenmaker, orgeldraaier,
Kaasboer, stierenvechter, ritsenhersteller, goochelaar,
Gynaecoloog, olifantenverzorger, kinesist, beul, matroos.

Om 5u staat Jezus als eerste op
Eerst schrijft hij een vriendelijk sonnet over zijn vader
En daarna een helende haiku voor zijn moeder
Ook al weet hij dat ze niet wil genezen
Hij weet niet dat ze niet kan lezen.

Jezus heeft niet de juiste naam gekregen
Zijn moeder zei na de vlekkeloze bevalling tegen haar man:
‘Noem het kind Simon naar wijlen mijn astronomische stiefvader alsjeblieft.’
Maar het bliefde de loodgieter niet
Want hij had een aversie voor alle ontnuchteraars van de Melkweg.

Dus ging de loodgieter naar zijn stamcafé
Na zes glazen rode wijn van Kaapstad
En 37 teugjes calvados van zijn heupfles
Was Jezus de enige aanvaardbare,
De enige uitspreekbare jongensnaam.

vandaag is misantropie aantrekkelijk – delphine lecompte

Vandaag is misantropie aantrekkelijk
Voor de dadaïst in Kaapstad
Hij is op zoek naar inspiratie
En een goedkope beenprothese
Voor zijn vrouw, ze snakt naar evenwicht.

Deze ochtend werd hij gewekt
Door zweepslagen op een welpenflank
De welp was stom, de beul een albinoman
Er waren ook toeschouwers
De meesten waren arm en in januari geboren.

Niemand stopte de albinoman
Hij staakte zijn ranselen vanzelf
Toen het leeuwenjong bezweek
Na zijn theeloze ontbijt vindt de dadaïst
Een beenprothese op de drempel
Van een geïmproviseerd bordeel.

De dadaïst vindt twee hoeren
Met slechts een linkerbeen
Hij neukt ze beiden
Een beetje tegelijk, een beetje kwaad
Dat ze spotten met zijn onbesnedenheid.

Na de betaling voor de schertsende seks is
Misantropie onvermijdelijk voor de dadaïst
In zijn hotelkamer probeert hij de beenprothese
In zijn valies te proppen
Het been breekt in twee.

De dadaïst huilt
Wanneer de zon ondergaat
In Kaapstad zijn alle ondergangen mooier
Dan zijn collages en borstels thuis
Toch vangt hij enkele vliegen
Die cirkelen boven de vermangelde welp.

Terug in België verwerkt hij
De vliegen in een misantropische collage
Hij houdt niet meer van zijn labiele vrouw
Maar wel nog van zijn morsige zelfheid.

over poëzie gesproken – hans goudart

Bin Ali Libi zat er helemaal naast
Tante Truus bleek
een deerniswekkende teef
ziekelijk zelfzuchtig
panisch veertig plus
zonder vergunning op jacht
in mijn buurtcafé
Tante Pollewop de beul van
kamp lagerbier
De Engel van de Efteling bleef
ongestraft onbeschoft
het zogenaamd beschaafd fatsoen
rondborstig maar platvloers
het leven als schijnvertoning krampachtig
haar marionettentheater van misbruikte medemensen
eenrichtingsverkeer in ieder opzicht
De Hoer van Barneveld
proud to be a slut
het woord niet waard
te zwak voor complimentjes
lam, doof, blind voor kritiek
een soort gestoord

Telkens ik ze zie een etage in de war
verkeerde verdieping uitgestapt
ik heb niets te zoeken op de
afdeling valse vruchten, zeldzame mutsen
tactloze taarten, betweterige burgertrutten
huichelachtige schijtlaarzen,nagels aan mijn kist
tot dader verworden slachtoffers

Het verzameld werk
van slordige aannames en voorbarige conclusies
goedkope theorietjes, halfbakken verklaringen
oppervlakkige projecties en het hele
zo-zie-ik-het, zo-zit-het-dus
en dat-is-dat en daarmee basta
het meermaals meten met twee maten
ik mag wat niemand anders mag
ik trek het niet, ik kan er niet meer tegen
hierbij wordt u de mond gesnoerd
De Freule van Spreekverbod tot Zwijgplicht
heeft gesproken in stuitende monologen
zonder weerwoord gebundeld als “Arschficken für Anfänger”

dialectiek – hans van willigenburg

Er zit (wel degelijk) een mens in de autoverkoper,
er zit ook een beul in de autoverkoper.

Afhankelijk van de signalen
die hij in een cursus geleerd heeft op te vangen
geeft hij de mens dan wel de beul
een afgepast scheutje vrijheid.

Elk jaar vordert hij
in de wiskundige precisie
van deze mens en deze beul
een volstrekt natuurlijke twee-eenheid te maken.

Er komt een dag
dat ze elkaar niet meer hoeven aan te kijken,

de dag dat de autoverkoper
zich achter een mimiek
van ongekende charme en vertrouwdheid
ten volle bewust wordt van de naden
in de showroomvloer

en voor het eerst aan auto’s denkt
als stom gewicht
zonder een greintje kameraadschappelijke waarde.