Als een dichter schrijft
over het veroveren van vrouwen,
dan weet ik
dat hij liegt.
Want de dichter is
verlegen, hazenlipperig
en bang.
Zijn gitaar is van plastic.
Als een dichter schrijft
over het veroveren van vrouwen,
dan weet ik
dat hij liegt.
Want de dichter is
verlegen, hazenlipperig
en bang.
Zijn gitaar is van plastic.
Ik sneed een wolk
in twaalf gelijke delen
en zag dat het niet kon.
Maar ik deed het toch
want goudstof was gaan wonen
in mijn ogen.
Ik trakteerde al mijn gasten
en spoedig zweefde de laatste
kruimel boven het boerenbonten bord.
Waar op dit uur een nieuwe wolk halen?
De eerste muzen vertrokken reeds –
teleurgesteld als ze waren.
Om toch iets te regelen belde ik een verfrommeld
nummer uit mijn broekzak.
Maar mijn moeder nam op:
‘Is alles wel goed met je jongen?
Bezing mij, o muze:
koekjes in bloesemthee,
windmolens in het hoofd.
Van zijn of niet zijn en een ik
die een anders is. Licht:
en er was licht.
En God is dood.
Recente reacties