heksenverhalen – hans goudart

Verborgen agenda’s, dubbelrollen
Johanna de Sloper en Day de Waanzinnige
één en dezelfde op hol geslagen prikklok
vals als een ziek dier
Dagen op de rand van tranen
verbrande schepen, alles overboord, alles verlaten
Mij was het krediet gegund
van een tikkende tijdbom
uit de oude doos.
Het standaardwerk.

vaders woorden II – jan holtman

niet ik, maar zij is een hond
vals als de nacht in een stad
die tandenbloot als een
blinkend mes naar je lacht

stiefzusje – elize augustinus

Ze kan het niet laten.
Ineens is ze er weer;
Het stiefzusje.

Vals als haar moeder
regeert ze vanaf Haar Troon.
En kroont.
Haar lijfelijke zoon.

een voorstel op de valreep – gerda blees

Zullen we een doos
Met knikkers vullen?

Ze moeten zelf gewonnen zijn
Volgens de regels van het spel

Nee, bonken doen niet mee
Want anders is het vals

Alleen maar guppies dus
In een oneindig grote doos

Dan stappen we er achteraan
En laten ons knikkerend verzinken

boek – lisette waterschoot

Sinds gisteravond laat je me achter met vragen
waar ik niet doorheen kan bijten.

Plots hangt mijn gebit met haken
en ogen aaneen, voelt elke tand vals

moet ik mijn beet lossen om niet
te verliezen wat wortelt in je vlees.

Papieren huid wordt zachter
en de mijne om een of andere reden ook

als ik in omslagen gewikkeld
-alleen de neus nog te zien-
leven in het lezen draag.

Zo gaat dat.
Zo.
Daar is de trap.

Hij kent het struikelen
Het tot evenwicht bijregelen van
wat overvloedig of te weinig is.

Ik treed hem na.
Breng me tot bijna vallen
terwijl, sober, het witste uitzicht

op het trouwste, meest lokkende kaft
even los en nutteloos aaneen hangt.

Maar deze avond in dit bed
helemaal onder de lamp

eet ik je op.

bang – gronama

Lichaamsloos geblaf,
kondigt zich al aan, lang
voordat je hem ziet gaan.

Duitsers liepen graag
met moordmachines
op vier poten
in de kampen rond.

Valsgemaakt is er
geen tweede dier
dat zo vals gromt
als onvervalste
herdershond.

Het keesje
siddert
in de
zon.