Posts tagged “tafel”.

installatie – gerda blees

een man blèrt ratelend door de kamer
vanaf een scherm met rood decor
hysterische mensen lachen op het leer
de gordijnen zijn grijs

op een glazen tafel ligt een boekje over lijnen
van de omslag glimmen porseleinen tanden tegemoet
daar trilt een telefoon langzaam naar de rand
valt op de gegoten vloer met hoogpolige bekleding
- parket is zo passé -
geeft het rillen op en begint nu groen te knipperen

er piept iets in de keuken
nog naschuddend met één oog op het lcd
staat iemand op
schuift vierkante borden vol
die worden leeggegeten zonder proeven

dit is ons museum voor moderne levenskunst

* – godfried alphonsus

mijn spullen ze wegen de kamer

er vallen gaten uit mijn mond

ik wil mijn tafel
opgetrokken aan zijn hoeken
in grafieken
maar een tapijt gemaakt van
kleine dieren
die iets kleins verschuiven
houdt de kamer in even grote hoeveelheid
onhoorbaar

door mij heen
en terug in de wereld

ik wrijf in mijn handen

ze laten zich moeizaam verslappen

mijn adem laat mij los
de kamer trekt zich aan
en heeft mij nodig

uitvoering – eelke van es

In evenwicht aan tafel
snijdt hij plakken kaas.

Het gaat om schommelen
om recht te mogen snijden.
Precies goed schommelen.

Dus zo is het. Liefste,
daag aan de zomen van dit woud
en het is zomer. Ik slis
en beslis toch dat
uitstel is geen afstel
(het einde is…)
is uitkomst en komt goud.

het is vreemd – cilja zuyderwyk

Uiteindelijk ben ik ervan gaan houden,
in sprankelend wit of met een zweempje grijs.
Bloot misschien op hun mooist.

En jij, met je mond vol gloednieuwe tanden, zegt;
“Ik zal er nooit aan wennen”

Ik kijk naar jouw lijf, dat maar steeds dunner wordt
zing een lied om je af te leiden, optimist die ik ben.

Buiten de zon, binnen de tafel.

Ik heb ze neergelegd, in een rijtje van vier
ik ben een drammer, dat weet je.

Wat vind je er nu van, zo in het donker
als ik je handen vasthoud?

Bijna zomer, denk ik en buiten blaten de schapen
en het uitzicht is wit, witter dan wit.

vader (1) – luc c. martens

ik schrijf je neer vader,
in de keuken. jouw klaslokaal
waar ik mocht eten, nà de vingerknip

ik schrijf je af vader,
in de kelder. jouw berghok
waar ik mocht mokken, het licht uitgeknipt

ik schrijf je uit vader
in de slaapkamer. jouw auditorium
waar de muren je gelijk gaven

ik wil schrijven vader,
naar de kleine jongen
die ik nooit heb gekend

waarom verliet je de tafel
waarom moest je mijn vader zijn ?

simon’s tafel – eric van hoof

een ode aan een groot dichter

Er brandt dat specifieke vuur in jou, Simon.
Jij verbrandt woorden als vloeipapier
tussen vingers die uit automatisme rollen.

Je tikt maten op tafels met die vingers,
opgebouwd uit planken van podia die jouw
zelfgecreëerde grootheid niet meer konden bevatten.

De vrouwen zijn als brandhout, Simon,
blonde kopjes van lucifers uitgeslagen
door een soepele beweging van je pols.

Maar het is je gegund,
het zou iedereen tot een vies oud mannetje maken,
maar jou maakt het charmant.

Een tafel in het café had je
en je brandde op de schouder van een vrouw
die je steunde en naar je tafel met je vaste drankje bracht.

Je mag nu vrouwen kijken, nietwaar Simon?
Beetje luisteren en oordelen en maten meten
met geelgerookte vingertoppen in naam van de poëzie.

Wondkoorts brak je uiteindelijk op, nietwaar?
Ook jij zult daar de ironie van inzien. Je tafel spreekt
nog, maar je stem, Simon, je stem zwijgt.

vatbaar – joris miedema

moeder belde weleens dat de vlam
die mijn ouders
bij elkaar had gehouden
weer zwalkte door het huis

ik ging bij haar langs
en het lontje
stak al uit de brievenbus

ik vond haar altijd
steunend op de tafel
waar ze pillen had geslikt
met ieder een eigen arrangement

vaak was het de geiser of het gas
ik deed haar altijd pijn
als ik de vlam weer uitmaakte