mijn coach spreekt bemoedigend van een trendbreuk – hans van willigenburg

ik ben vrijwel voortdurend bezig mezelf te verbeteren
en al kan ik niet exact vertellen wat ik aan het verbeteren ben
of hoe
het feit alleen al dat ik er vol overgave aan werk
en dat al mijn concentratie bijeen is geraapt rond dat ene doel
en het bijeen rapen van die concentratie zonder twijfel mijn eigen verdienste is
kan hoe dan ook als verbetering worden betiteld ten opzichte van alles daarvoor
toen ik nog wel eens half om half uitwegen verzon
onberedeneerd een herfstblad van de grond raapte
lachte
grapte
wenste dingen belachelijk te maken vanuit de onderbuik
met een gevoel van triomf zo kort
als een inzakkende schuimkraag
waar geen progressie van welke soort ook
in aan te wijzen viel

maar nu…

nu ben ik elke dag hard en opgepompt
onderweg naar een betere versie van mezelf
die bochten en kruispunten nadert met nog minder schrik
ferm een koers kiest
de mond als een streep
de kaaklijn vooruit geschoven
de humor als een weliswaar aantrekkelijk
maar al met al uiterst contraproductief systeem
van gesublimeerde aarzeling
naast me neer gelegd

jezus eet crèmepaté – delphine lecompte

Jezus de loodgieterzoon eet bijna elke nacht
Een blok paté met een theelepeltje in bed
De brute haan moet nog kraaien
Moeder roept in haar slaap: ‘Laat me los, schurk!
Ik wil niet verkracht worden door een ezeldrijver!!’

Maar de verkrachter verandert iedere nacht van beroep
Moeder roept net voor de paté volledig verzwolgen is
Jezus noteert: imker, touwslager, kaarsenmaker, orgeldraaier,
Kaasboer, stierenvechter, ritsenhersteller, goochelaar,
Gynaecoloog, olifantenverzorger, kinesist, beul, matroos.

Om 5u staat Jezus als eerste op
Eerst schrijft hij een vriendelijk sonnet over zijn vader
En daarna een helende haiku voor zijn moeder
Ook al weet hij dat ze niet wil genezen
Hij weet niet dat ze niet kan lezen.

Jezus heeft niet de juiste naam gekregen
Zijn moeder zei na de vlekkeloze bevalling tegen haar man:
‘Noem het kind Simon naar wijlen mijn astronomische stiefvader alsjeblieft.’
Maar het bliefde de loodgieter niet
Want hij had een aversie voor alle ontnuchteraars van de Melkweg.

Dus ging de loodgieter naar zijn stamcafé
Na zes glazen rode wijn van Kaapstad
En 37 teugjes calvados van zijn heupfles
Was Jezus de enige aanvaardbare,
De enige uitspreekbare jongensnaam.

ochtendgebed – harry m.p. van de vijfeijke

Heidens is het, grif geef ik het toe,
mijn ochtendgebed.
Te duister mijn begin.
Traag uit de sluimer zoek ik
de verzoening met jouw kruis, beeld
mij vormen van aanbidding in.

Mijn hand, het eelt nog zacht
van een gladgebeden rozenkrans,
streelt elke dagbegin profaan
mijn blij en droevige geheim.

Een dag richt zich op,
ik zal prevelend aanwezig zijn.
Dit is mijn lichaam,
waar ben jij?

XVII – jan holtman

lang leve de unie van Utrecht
en dood aan Noord-Korea

wanneer gaat de klok vooruit?
elke dag mevrouw

een stap te ver – hanny van alphen

er schuilt een moeder
in het kind

dat zichzelf wiegt
en een treurlied zingt

blijf in het zandspoor
had ze gezegd

elke grasspriet
is er één, dichter bij de dood

de kleine speelt
alleen nog in haar handen

assen-oost – jan holtman

Assen-Oost op zondagochtend, na de koffie
de Vredeveldseweg waar altijd iets
te doen is met stoeptegels

er ligt een eiland in een vijver
lege blikjes in een haag

elke dag dus ook op zondag zeggen ouders
niet op straat spelen tegen hun kinderen

en we doen dit voor jullie

even later – dio the cilany

wanneer de dag niet meer
noch de nacht wordt onderbroken
elke avond haar schemering mist

en ik terug in je donkerder
dan donkere ogen

voorwaar geen verborgen list
en toch in rood gewroken

onder wind wordt niet gelogen
alleen de nasmaak onverkort

en daarvan enkel het wonder
dat zal worden opgeschort

na de winter – onbezield

bij dag in nacht
in bevroren koude
zelfs jij warmt niet
vesting in een wereld
zelfs de klimop rouwt
eeuwig schijnbare duur
mijn oubliëtte zwart
de wereld wit
onmeetbaar strenge vorst
liet krassen op mijn ziel
littekens die moeilijk helen,
niet vergeten kunnen worden

mijn sprankeling was!
bij toeval greep ik raak
maar elke dag
voel ik die krassen
zij horen bij mij…

nu ik de zon kan zien
en een enkele donderwolk,
laat ik het bij tijd en wijle
maar stormen
ik weet nu dat na regen…

rijst – b. vogels

vrijdag haalden ze nog

bonen bij de rijst
vlees met rijst komt
vast een avond

vandaag blijft het bij rijst
vasten blijft

van elke dag

tante eliane – b. vogels

elke ochtend
haal ik je uit

ik val voor rood
en voor vier vruchten

maar vandaag
blijf je onwrikbaar
de lippen stijf op elkaar

balen
nu ik het zoet met een lepel
uit de bodem wou halen

groensel – onbezield

met mijn wenkbrauwen
hang ik aan de stoeprand
dit kikkerperspectief
biedt nieuwe mogelijkheden

de stroom van de goot
gaat voorbij het riool in
vervuiling van de straat
verdwijnt als sneeuw

ik vlieg hier in spiegelbeeld
door lucht en wolken
anaeroob als ik ben
een bevrijdende vlucht

thuis in het slijk der aarde
proef ik de bitterheid
leef ik het leven
als baggeraar, elke dag

er dreef, niet zo lang geleden
een fris groen blaadje
het stemde mij tot nadenken
wat als ik dat loof was…

verstomd – tijsterblom

de wind krast ravenzwart
tot woelende matras het gras
dat een eeuw geleden

praalbed was voor haar
die de zwaartekracht ontsteeg
van wie ik niet meer ruiken

kan de geuren van haar huid
en niet meer proeven de
zilte druppels van haar lijf

van wie de kleine lach
die elke storm deed liggen
is verstomd en zich alleen

nog horen laat als de wind
zijn krassen staakt en
met mij huilen wil

actualiteitswetenschappen – eric rosseel

Пусть животные приходят!

Materie raast over braakland, bergen en binnenmeren
Hoop en wanhoop worden eindelijk eerlijk verdeeld
Zeevaardige schepen zinken ter plaatse tot op de bodem
van de zompige akkers van zuinige varkensboeren
Uit reten en spleten rennen ratten en belhamels
gedupeerd en vol illusies hun zekere dood tegemoet

En prinses doornroosje zal niet meer moeten meemaken
ooit nog vochtig en pedofiel wakker te worden gekust
Lang en gelukkig smeert in uithoekige bouwvalligheden
het gemeen al jaren geen bruine rabarberconfituur
op vereenzaamde sneden gewijd zevengranenbrood
Ook daar verkoopt de pest afgeprijsde stinkbuilen

Op de daken wordt elke dag wilder en sexy gezongen
De dansers zwelgen in de kelders hypercola en wijnazijn
in het zwart en wit van Antwerpse nepgeheugenpillen
Dromen de opeen gestapelde eeuwelingen hun laatste droom
De zuigeling Robbe: die is aan acuut hersentekort gestorven
Een naamloze dode is de kamer ernaast geboren in vruchtensap

Dat alles gebeurt daarboven
Dat alles gebeurt daaronder
Dat alles gebeurt daar middenin
Dat alles gebeurt daar waar
Niemand er nog over verhalen kan

Пусть животные приходят!

liefde voor kunst – elize augustinus

de hedendaagse
kunst op het world
wide web lijkt ten
gronde te gaan aan
onderlinge jaloezie
van kunstenaars
terwijl elke zonde
aan de waarachtig
kunstzinnige geest
begaan zich zal
wreken zoals ook de
zonde begaan aan
de liefde zich zal wreken.

schlagergeschichten – hans mellendijk

& zo werd in na
oorlogse Duitsland,
wunderbar wirtschaftwunderland,
het protestlied uitgevonden.
Zwei kleine Italiener,

waren liever gewoon thuis.
Ze droomden van Napoli
van Tina en Marina.
Am Bahnhof kent iedereen ze.
Zien elke avond D-Zug.

& dan Heisser Sand.
Een verloren land.
Een leven in gevaar.
Taal zonder enig wil.
Angst eet de zielen op.
De Marokkaner Grill.

Slager doe me nog
een plakje bloedworst.

vleugels – jacques santegu

Er groeien vleugels aan mijn rug maar ik wil ze niet.
Als ze niet genoeg
in lichterlaaie staan, vlieg ik elke dag weer weg
al vanaf wanneer ik mij wakker rek.

‘s Nachts besteed ik er zo weinig mogelijk aandacht aan.
Echter, ik slaap slecht terwijl ze groeien.

Ooit al eens met vleugels auto gereden? Iedereen
staart je in de file aan. Nochtans is het moeilijk neuspeuteren
ermee. Of een middelvinger vinden tussen alle pluimen.

Met vleugels voel ik mij gehandicapt, een kermisattractie.
Die dingen zitten altijd ergens in de weg.
Ook in de talloze talkshows (met debiele cliché vragen: vlieg je een stukje de studio rond?, welke trajecten vlieg je? hoe is het om alles vanuit de lucht te zien?, …).

Geloof me, je wil niet weten hoe vervelend kunnen vliegen is!

Ik heb niet de ambitie vliegtuig te zijn of een sakkerende engel.
Beslist iemand anders had die vleugels besteld. Misschien een slachthuiskip
of de McDonald’s klant.

Zonder vleugels vliegen, daar droom je dan eens van.
Zonder wel ja. Maar een mens moet realistisch zijn.

het leven zoals het is – m. bakker

soms verlang ik naar een leven
zonder trams en latte macchiato
kinderkoffie die snobs op leeftijd
troost biedt op morsige dagen

zoals vroeger je knuffelbeertje
getooid met de naam Harrewijn
een idee van die gekke tante
vaste klant in kladdige kroegen

waar mensen hun levensverhaal
delen met vreemden van de
overkant maar altijd aangekleed
met toefjes opgeklopte slagroom

want de naakte waarheid geeft
teveel bloot om nog fijn te zijn
overdenk ik wanneer losbandige
wolken heen en weer bewegen

en ik koffie naar binnen giet
met volle teugen terwijl bij elke
slok de berusting toeneemt
in mijn groots stedelijk leven

oh my god – jelou

Oh my God, de klok slaat Emo-tijd!
wijzers leggen middeleeuwen
vast in zwart begraven ogen, lijken
mogen retro, mits nog niet vergaan

zelfrijzend bakmeel wordt een optie
als wit akelig dood moet schijnen
op voorgesmeerde huiden met
puistjes-pesticide

laten wij twaalf zijn en oud genoeg
voor een snakebite
twee gaten onder de kinderlip, gevuld
met puntige zelfredzaamheid

en dat het haar als git zo zwart, geen
krul meer draait in vrijheid
want wij behoren tot de scene van
strakgestylde beugels

wij weten hoe de wereld is, wat
SOA’s zijn en loverboys
al spellen wij de liefde elke dag
nog met een V.

activisme in woonkamer – hans van willigenburg

Kom, laat ik eens een tv-programma negeren.

Een bijzonder populair tv-programma
dat na jaren zeker is
bij elke aflevering
vele tongen los te maken.

Ja, dat tv-programma ga ik negeren.
De uitzending zal mij niet bereiken.
Haha! Ik heb er zin in!

Het idee dat ik het zal gaan negeren
werpt vrijwel meteen vruchten af.

De auto die onder mijn raam voorbij rijdt,
maakt alleen al door mijn sterke voornemen
te morrelen aan de hiërarchie der dingen
meer aanspraak op mijn oprechte aandacht.

Ik kijk de auto dan ook met bovengemiddelde interesse na
en mijn waardering voor het leven, voor de avond
bevindt zich al onmiskenbaar in een stijgende lijn.

Ja, het negeren van populaire tv-programma?s
kan ik iedereen, reeds na deze eerste auto, aanraden.

De lichtjes heen en weer bewegende zitting
van de plastic speelgoedschommel bij de onderburen
metamorfoseert eveneens tot een object om mijn blik
met een ongebruikelijke dosis kalmte op te laten rusten.

Niet lang daarna richten mijn ogen zich op het puntgave,
witte hek dat er strak omheen staat en denk ik met sympathie
aan de toewijding waarmee schilders of de bewoners zelf
zo?n alledaagse klus hebben geklaard.

En weer later staar ik naar een lichtbruine straatklinker
en vraag me af hoe het ding vanuit de fabriek
hier naartoe is getransporteerd: trein? schip? truck?

Het begin van het populaire tv-programma sluipt naderbij.
Ik kijk op mijn horloge: het duurt nog twaalf minuten.
Staand bij het raam vouw ik mijn handen achter mijn rug ineen,
nog steeds vastberaden het populaire tv-programma te negeren,
maar in het groeiende besef dat het kwaliteiten heeft
waarvan het afwachten is of ik ertegen bestand ben.
Ja, het zal nog een heftige strijd worden over twaalf minuten:
niet de afstandsbediening pakken, niet die ene knop beroeren,
niet verlangen naar het grappige en originele dat zal worden gezegd.

De dan weer prikkelende dan weer somber stemmende onmogelijkheid
iemand te laten voelen de immense relevantie dat ik nu niet opgeef,
zwaar blijf investeren in die dakpan, wolk, roestige wieldop.