oranjebal – arjan keene

Ook als je goed hebt nagedacht,
emotie ingeruild hebt voor de ratio,
niet bij voorbaat al racist, fascist,
reactionair monarchist, populist,
of nazaat bent van een barbaar,
zult u het toch met mij eens zijn
dat er uiteindelijk maar één straf past
voor de moordenaar van Koninginnedag:

hem insmeren met pek en veren,
vastketenen in een voertuig
(merk en kleur doet er niet toe),
en van een lange trage helling
- onderweg met hagel doorzevend
uit koninklijke jachtgeweren
zodat hij nog net even blijft leven -
een oranje hellevuur in donderen.

En in godsnaam, neem zijn naam
niet op in één of andere canon.

30 april 2009

goochelaars – peter van galen

we goochelden met oude namen
namen de afgrond op onze schouders
tijd door een brandende hoepel

een vlezige koepel trok over ons heen
terwijl we de avond in stilte vierden
niemand zag onze handen branden

nu ben ik in een ander veranderd
jij een veranderlijk ik gebleven
ik heb je in stilte laten leven

blind lemon jefferson – peter van galen

klop maar op het raam
ik ben niet thuis
ik slenter door de straten
ga van deur naar deur

en je had het kunnen weten
want was ik thuis geweest
had Lemon luid gezongen
van slangen op de vloer

kust de vleermuis – peter van galen

Hij met de scheve schoen
liep vele kilometers
kuste de vleermuis
en werd ziek

hij loopt maar in de open lucht
hij loopt de hele dag alleen

ook draait hij punten in zijn oren
kijkt naar beesten in het water
letters zwemmen voor zijn ogen
dus let op:

hij met de scheve schoen
loopt in de open lucht
en kust de vleermuis
op zijn kop.

flarfastrip – erwin vogelezang

flarfatoon - erwin vogelezang

flarfatoon - erwin vogelezang



Deze flarfastrip is gemaakt naar dit gedicht van Erwin Vogelezang.

poëzietekening – 28/04/2009 – a.c.g. vianen




Presentatie Orgaannevel – ACG Vianen

Orgaannevel - ACG Vianen

Orgaannevel - ACG Vianen

Gerrit Komrij zei over deze bundel:
“ACG heeft een krachtige poëziestem. waarin de diepe bewogenheid zich heeft ontplooid in veelvoud en verbondenheid met de taal”

- De bundel kan vanaf heden worden besteld. -

Presentatie: zondag 3 mei 2009 om 15:00 uur
Locatie: Cultureel initiatief Wei, Mathlidelaan 3, Eindhoven
Inclusief expo van taaltekeningen en verfgedichten.

De voordragende dichters:
Lucas Hirsch, Adriaan Krabbendam, Xavier Roelens,
Peter M. van der Linden (onder voorbehoud), Daan Doesborgh, Danny Danker

De muziek van de middag zal waarschijnlijk worden verzorgt door DJ Barfly.

begin van het einde – hans van willigenburg

met dank aan ‘tweet’ van Tsead Bruinja

De dichter drentelt de ontbijtzaal in,
zijn uitgerust lijf tintelt tot in zijn tenen
en zijn tafeltje in volle zon lacht hem in stilte toe.

In de enveloppe naast zijn bord
zit een brief van het festival, waar hij
heeft voorgedragen en tot diep in de nacht
zijn verzen zo welwillend heeft toegelicht.

(Vooral die dame van de organisatie
bleef tot de laatste komma aan hem trekken.)

Hij kijkt naar het weelderige handschrift,
naar het rennende en lachende meisje erin,
dan opzij naar het rijkelijke buffet dat door
bevoegde inspecteurs met vijf sterren is beloond.

Een elegante serveerster komt door een klapdeur
zijn kant op met een twinkeling in haar ogen,
die de vijf sterren ruimschoots overtreft
en van ‘koffie of thee?’ een belachelijk
voorafje maakt van iets intrigerends.

(Heupzwaaiend verdwijnt ze uit zijn zoomlens.)

Al voor de eerste hap is de maag van de dichter
tot aan de rand gevuld; hij boert van zoveel
baarmoeder en begint inwendig aan een gedicht

waarmee hij het gevoel van tevredenheid
tracht te ontlopen – voor het eerst vergeefs.

s/ourthe – marco geldermans

machtmerrie moorddag
een windstille dagdroom
zet in op oneven, val zes kilo af

knisper kraakhelder
tortilla Maria
wek haar met vlugzout

schraap het wit van de vrijdag
stapel de dozen
literair ingesloten

mijn zwak hart klopt moedig
barmhartig, moordlustig
mondriaans virusvrij

S/Ourthe stroomt statig
jong bloed door haar aders
het einde van wij

meisje van lawaai – joris miedema

ze is een meisje van lawaai
draagt haar rokjes hardop
haar gezicht een gebalde vuist

de bas is een poppenspeler
pakt haar benen als marionetten
ze danst met de pingpongballen
van de nacht

de ochtend knipt de touwtjes door
haar tanden klappen voor de muziek

lucifer en ik – joris miedema

in de spiegel
zie ik nooit mijn gezicht
altijd een blauwe vlam

moeder is een wasmand
vader de geur
van terpentine

alles staat in brand
als ik door de straat loop
een lange gang met tekeningen

er loopt een man
zijn hand rookt
en voetstappen sissen

hij draagt vergrootglazen
en zijn ogen
gloeien in mijn broekzak

ik doe met april wat ik wil – sunshine tenochtithlan

Ik heb aan ‘t eerste groen het knollenland,
het trekt met scheuten door mijn onderbuik;
daar geen gevlinder of een vogelduik,
het lijdt geen twijfel, zelfs geen visbestand.

Die tuin van mij, met al dat zangbehang
doe ik het liefst aan ritmesectie; snijd
bekwaam de piepers in ‘t gareel, geheid
dat deze regelmaat pas rijmt met dwang.

Zo sexy als ~ jij groen ~ mij boeien kan,
mijn kluizenaarsbestaan zoekt op te fleuren,
uit wintervacht elk vers versteld doet staan,

geen macht is meer met mijn natuur begaan,
dan zachte weemoed blozend mij deed kleuren
van licht op zicht, voor mij, een blinde man.

dieptewerking – sunshine tenochtithlan

Aarding rondt gedeelde verten,
een licht schijnt, vrij op naam:
ik voel mijn schaduw krimpen.

Jouw stem penseelt een teder
peinzen: zo bekend en nog zoveel
verkenbaar; het wachten is gedaan.

Mijn landschap kleurt voor jou
in zonnebloem en korenaar;
papaver ruimt het veld.

Lef lonkt een zomerstorm,
dat niet eindigt bij de einder,
daar een minnedicht begint.

gewijde grond – sunshine tenochtithlan

Op reis over mijn veengronden
verwondert mij de veerkracht
van de soortelijke liefde.

Met elke stap wijkt het water
langs mijn voeten, strekt
jong leven gretig de halzen.

Niets verstoft hier, wat eens
groeide wordt stilaan bewaard
onder schootklaar nieuwe kansen.

Balans is van belang,
evenals rust in de pas,
derwaarts van gene zijde.

Ik verklaar mij ontvankelijk,
wanneer het licht om mij waart,
weerzien van opgeschoten wild.

Het is niet in het herinneren
dat jij mij tot heugenis reikt,
maar in het vergeten

hoe indrukwekkend jij
in mij geland bent.

meningen tussen de randen – joris miedema

mijn oom bewaart zijn meningen
over de jaren heen
in een koekblik

zoekt ze met een aansteker
tussen de randen
en probeert hun lontjes
niet aan te steken

de meeste slaan op hol
botsen tegen elkaars reflecties
een enkeling probeert zichzelf
warm te houden in de vlam

bolletje wil – joris miedema

toen oma muizenvallen
spek begon te voeren
hebben wij haar
een bolletje wol gegeven

toen we op visite kwamen
had ze het al geleerd
om op breinaalden te lopen
en enkele zinnen uit te spreken

“kinderen komen en gaan”
“opa is al dood”
“vergeet je pillen”
“je moet niets eten”

Krakatone 1 & 2 – boys vs. girls

Vandaag weer iets nieuws en nog meer gratisser!

De eerste Krakatones.

- Mocht jij ook een leuke c.q. leukere gemaakt hebben, of een leuke tekst hebben, voor zo’n speciale Krakatau Ringtone, dan zien we die zaken graag in onze mailbox. -

krakatone-1-meneer in mp3
krakatone-1-meneer in m4r
krakatone-2-doos in mp3
krakatone-2-doos in m4r

boekhoud de dagen – hans van willigenburg

Dag met lichte duizeling op kruinhoogte.
Dag met onhandige dorst rond het middaguur.
Dag met een zweetlaagje luchtdicht als folie.
Dag met een rommelende buik zonder uitschieters.

Dag met een haast diep paars van kleur.
Dag met gesprekken die krap om je nek zitten.
Dag met gedachten van hooguit tien seconden.
Dag met haarscherpe beelden zonder vervolg.

Dag met koppijn van het gemiste ontbijt.
Dag met sterke verhalen door jou weggelachen.
Dag met ruzies met onvoorspelbare pauzes.
Dag met zon en een volle agenda.

Dag met een afwisseling die wrijft als jetlag.
Dag met plannen die vechten voor versheid.
Dag met mensen met een hang naar daar en toen.
Dag met jezelf waar geen einde aan komt.

Dag met een heldere blik op het soort dag
dat zich ontrolt.

Dag met iemand tegenover je die het begrijpt
en met gepaste verveling langs je heen kijkt
en er weldadig het zwijgen toe doet.

verovering van de tuinstoel – hans van willigenburg

Zeg me, hoe lang kun jij in de tuinstoel zitten
met je gezicht naar de zon, met je kont stevig
en stil op de horizontale plankjes, zonder een
kantelbeweging of een aanzet daartoe? Hoe lang kun
jij vrij van gezichten en verlangens en dromerij
met je lippen ledig langs de trillucht strijken
en van wat je proeft de vertaling bestrijden
met bevallige ontploffinkjes in je hersenstam, niet
op afroep, maar vanzelf wegebbend als een branding
waar je langzaam vandaan sjokt? Hoe lang kun jij
de kwakende eenden vlak achter je moeiteloos laten
aansluiten bij je eigen gekwaak in een gapende
nederlaag eindeloos dralend bij je meest inactieve
hersenkwab? Hoe lang? Hoe machtig? Hoe verachtend?

Hoe van-je-retteketet-ik-ben-ik-ben-net-zo-goed-niet?

orkestratie van de vrije geest – hans van willigenburg

Iemand zijn
is de vijand.

Een eigen stijl hebben
het summum van onvrijheid.

Dit zegt een stem in mij
die ik aan banden leg,

net zo hard en net zo strak
als al mijn andere stemmen.

aan de wieg van de wereld – joris miedema

de man zit aan tafel met zijn ouderdom
een half leeggelopen opblaasbare
schildpad

hij kan elk ogenblik beslissen
het ventiel op zijn voorhoofd los te trekken
maar pompt hem langzaam op met zijn ogen

samen kijken ze naar buiten
waar de wereld zachtjes slaapt
in een grote kinderwagen

het gedrag van vissen – joris miedema

ze is een kom
trekt lantaarnpalen aan als waterplanten
volgt de kleur die haar het beste staat

haar gedachten zijn vissen
eten algen van haar slapen
en zwemmen voor haar ogen als de drang
om te zoeken

andere liggen stil op de bodem
laten zich meevoeren
met de stroming in haar onderbuik

de grom van een slapende hond – joris miedema

haar kinderen wonen tussen de wanden
waar zij waarheid schreeuwen in glaswol
net zolang totdat de platen versteend
in de huiskamer vallen

moeder veegt de brokken de kelder in
voert ze aan de grom
van een slapende hond

er prikken wijzende vingertjes
door het plafond
ze knipt ze af met een snoeischaar

€ 3,= kost het, maar jij wint zeker

Wij van Krakatau zijn
natuurlijk benieuwd of jij
als Krak-a-friek aan de
nationale gedichtenwedstrijd
mee gaat doen.

- En hoe Krakatau de jury is. -

Per gedicht moet je
dus wel € 3,= uitkotsen,
maar ach,
de Krak hoef je niet meer
te kopen.

http://www.nationalegedichtenwedstrijd.nl/

boer zoekt vrouw – caroline wiedenhof

Hij heeft zijn overall te drogen
opgehangen op de deel.

Hij lijkt gekrompen.

Toen hij hem kocht
had hij de hoop dat
zij hem op zou rapen,
bekijken, beruiken,
en de trommel in zou proppen,
waarna zij samen zouden
staren naar het draaien.

Nu heeft hij zelf
het label bestudeerd
en vergeleken met de

tekens van de was.
Hij kan tevreden zijn.
Een centimeter krimp
is goed beschouwd zelfs winst
nu hij ook langzaam

kleiner wordt.

havenzucht – caroline wiedenhof

Een dode kop
is uit het dok gehouwen
waar hij ooit stond te stompen
om loodsen vol te stouwen.

De kalk is nu vervlogen.
Achter rijen lege trucks
verlaat een vrouw
een bus die staat te drogen.

Haar hakken klakken
naar een afvalbak.
Volgens haar plan zal zij
een plastic zak gaan legen.

Zij mijdt de man in leer
die zwijgend matten veegt,
en met onaangeroerde blik
een kras een likje geeft.

final check – caroline wiedenhof

Het vliegveld is verzonken in de zee.
Voorbij de transit glijdt ze
de shoppingcenters uit,
de wenteltrappen af

naar de controle.
Geen vloeistof, dame.
Hij stinkt naar after shave.
Geen vloeistof, dame.

Heel even loert hij naar het etiket
en weer naar haar,
de fletse vrouw.
Dan giet hij de zonnebrand
een afvalemmer in.

Nu moet het bloed nog afgetapt.
Ze hapt naar adem
terwijl ze voor het laatst
een kruisje trapt.

via dolorosa (aan j. arends) – jürgen smit

de zoveelste statie
bleek een muur te zijn

alwaar
een vermoeide Jezus
zijn handafdruk
had achtergelaten

dat zou men
aan het Roelof Hartplein
nu ook eens moeten doen Jan

& ik geloof

bunker – jürgen smit

je kon er zo mooi
verstoppertje spelen

het blinde meisje
dat ons dan zocht

geloofde dat het
altijd nacht was

& dat het binnen
ook regenen kon

… – jürgen smit

aan elk dorp
kwam een eind

de fiets
& kranten
van de brug

dat ze dreven
waar jij
vandaan gekomen was

cirkels
& de grote stad

daar had je posters van